Klimaatverandering?

image

Het klimaat verandert. Dat komt doordat het op de aarde warmer wordt. Sinds 1906 steeg de gemiddelde temperatuur in Nederland met 1,9 °C. Die opwarming gaat steeds sneller. Vooral de lente en de zomer zijn veel warmer dan vroeger.

Waardoor warmt de aarde op?

De hoeveelheid broeikasgassen neemt toe. Deze gassen, zoals CO2 en waterdamp, komen van nature voor in de atmosfeer. Ze hebben invloed op de temperatuur op aarde, doordat ze warmte als een deken vasthouden. Door de toename van CO2 in de lucht, wordt die ‘deken’ steeds dikker. Opwarming van de aarde heeft gevolgen voor de natuur, de gezondheid van mensen en dieren, en voor de beschikbaarheid van voedsel en water.

Hoeveel warmer wordt het?

Als de uitstoot van broeikasgassen doorgaat op dezelfde manier als nu, kan het in 2100 bijna 5°C warmer worden dan in het jaar 2000. In 2015 hebben bijna 200 landen met elkaar afgesproken dat de opwarming van de aarde onder de 2°C blijft. Of dat lukt, hangt af van de genomen maatregelen. Wil je weten wat Zeeland doet aan het terugdringen van broeikasgassen? Kijk op www.zeeuwsenergieakkoord.nl.

Wat zijn de gevolgen van klimaatverandering?

Door de opwarming van de aarde stijgt de zeespiegel. Dat komt doordat gletsjers en ijskappen op Groenland en Antarctica smelten. Ook het zee-ijs rond de Noordpool smelt: de afgelopen dertig jaar is de helft ervan verdwenen. Alle landen krijgen te maken met extreem weer. Sommige delen van de wereld worden daardoor droger, andere delen worden juist natter.

Wat betekent klimaatverandering voor Nederland?

Nederland ligt op een grensgebied: het wordt in ons land natter, maar ook droger. In het voorjaar en najaar zijn er meer langdurige buien. In de zomer zijn de buien vaker extreem: in korte tijd valt heel veel regen of hagel. Daardoor is de kans op wateroverlast groter: de rivieren en de riolering kunnen het water niet meer goed afvoeren. De zomers zijn juist droger en heter. Er zijn meer tropische dagen (een temperatuur van 30°C of hoger). De winters zijn zacht, het vriest veel minder vaak dan vroeger. De natuur verandert: dieren en planten uit warmere gebieden vestigen zich in Nederland. Voorbeelden zijn de eikenprocessierups, bepaalde tekensoorten en de ‘hooikoortsplant’ Ambrosia.

Kunnen we ons voorbereiden?

Jazeker. We kunnen ons aanpassen aan de veranderingen die nu al plaatsvinden (klimaatadaptatie). Nederland versterkt de dijken en duinen en maakt opslaggebieden voor de opvang van extra rivierwater. Ook in Zeeland gebeurt veel. Gemeenten passen de openbare ruimte aan, zodat het regenwater bij extreme buien niet de woningen binnenstroomt. Meer openbaar groen zorgt voor koelte en de opvang van regenwater. En: je kunt zelf iets doen! Haal bijvoorbeeld de tegels uit je tuin en zet er planten in. Daarmee voorkom je wateroverlast en hittestress. Meer weten over wat jij kan doen om je aan te passen aan klimaatverandering? Kijk hier voor meer ideeën.